Schoonheid uit een potje of de natuur?

Afgelopen week sprak ik de bekende fotograaf Jimmy Nelson. Ik ben niet alleen al jaren heel groot fan, maar hij heeft mij ook geïnspireerd een beetje hetzelfde te gaan doen als wat hij doet:  contact zoeken met andere culturen en (l)eren van hun wijsheid en kennis. Maar dan op het gebied van huidverzorging en het behandelen van huidproblemen. Want door de globalisering dreigt er steeds meer van die kennis verloren te gaan …

 

Hoe meer ik leer over de huid, hoe meer ik ervan overtuigd raak dat we veel te weinig doen met traditionele kennis over botanicals en andere stoffen uit de natuur. Dat vind ik jammer, want als je je er een beetje in verdiept, vind je flink wat bewijs dat veel van die ingrediënten wel degelijk werken; zowel als je ze op de huid aanbrengt als wanneer je ze inneemt. Bovendien is het essentieel dat we alternatieven vinden voor bijvoorbeeld het gebruik van antibiotica bij huidziekten. We weten nog zoveel niet. Hoe kan het dat er bij sommige volkeren bijna geen acne voorkomt? En hoe is het mogelijk dat ze in bepaalde gebieden rond de evenaar zo’n prachtige jonge huid houden.

 

Ook Jimmy Nelson bevestigde mij dat. Zo vertelde hij bijvoorbeeld dat hij bij Papoea-Nieuw-Guinea bij een geïsoleerd levende stam was geweest waar alle mensen enorm fit, sterk en gezond waren. Even verderop leefden mensen die al veel meer in contact waren gekomen met de westerse leefstijl en een totaal ander dieet hadden met veel bewerkte voeding en minder fysieke activiteit. Volgens Jimmy was het een verschil van dag en nacht als je naar het uiterlijk en de conditie van deze groepen keek.

Kun je jezelf mooier slikken?

Ik denk dat dat besef langzaam ook hier gaat doordringen. En dat geldt zeker ook voor huidverzorging; voor een mooie huid is meer nodig dan alleen goede huidverzorgingsproducten. Je dieet is ook essentieel. Helaas zou de commercie de commercie niet zijn als ze daar niet op in zou spelen. Niet met voeding, maar met dure supplementen. En reken maar dat deze industrie al in de startblokken staat om je in het nieuwe jaar te gaan vertellen hoeveel mooier en jonger je wordt door het slikken van hun wonderpillen of speciale drankjes. Maar wat werkt er nu, en wat niet? En kan het ook kwaad?

Pas nog gaf ik hierover een interview aan de bladen Nouveau en &C. Maar ook van jullie kreeg ik vaak deze vragen. Ik begrijp de nieuwsgierigheid hiernaar trouwens heel goed. Er is ondertussen zo’n groot aanbod van producten en potjes met pillen die beloven de huid van binnenuit mooier te maken. Wat doen die nu precies?

Nutricosmetics, welke neem je dan?

Middelen die beloven de huid te verbeteren worden met een mooi woord nutricosmetics genoemd. Vaak bevatten deze ingrediënten als hyaluronzuur, vitamine C en een boel andere antioxidanten. De bekendste zijn: carotenoïden, lycopeen, luteïne, astaxanthine en polyfenolen. Maar ook visoliën en /of omega 3-vetzuren kom je veel tegen in dit soort potjes. Net als collageen of collageen bevorderende stoffen.

Deze ingrediënten kunnen op zichzelf allemaal bijdragen aan een gezonde, mooie huid. En van alle genoemde voorbeelden is het positieve effect op de huid ook in verschillende onderzoeken aangetoond; met name vitamine C is breed onderzocht.

Het lastige bij dit soort onderwerpen blijft altijd of een huidverbeterende effect ook daadwerkelijk bereikt wordt door een bepaald supplement te slikken. En wat neem je dan, hoeveel neem je ervan, etc. Is het effect echt toe te schrijven aan het supplement, of stiekem ook aan het gebruik van bepaalde huidverzorging, voedingsgewoonten, andere omstandigheden. Of zijn de resultaten van de onderzoeken toch een beetje gekleurd doordat achter de studie een producent van vitamines zit …

Veel studies naar beautypillen, maar vaak van ondermaatse kwaliteit

Het is zeker niet ondenkbaar dat het innemen van vitamines en andere ingrediënten in pilvorm iets voor je huid kan betekenen. Ik zie regelmatig (en steeds vaker) prikkelende onderzoeksresultaten langskomen. Helaas is de kwaliteit van deze studies toch vaak wel onder de maat en ontbreekt het nog te zeer aan échte onafhankelijke en overtuigende bewijzen. En dat is misschien ook wel logisch. Want onderzoek naar voeding en/of voedingssupplementen blijft gewoon lastig.

Maar zoals ik hierboven ook al zei, weet ik tegelijkertijd zeker dat voeding en de huid niet los van elkaar staan. Ook ben ik ervan overtuigd dat bijvoorbeeld ons microbioom van invloed is op de conditie van onze huid. Wie mij een beetje volgt, weet dat ik het onderzoek naar probiotica al een tijd met veel belangstelling volg. In het magazine dat ik afgelopen zomer uitbracht heb ik bewust  aandacht besteed aan het onderwerp. In het magazine ben ik vooral ingegaan op het zonbeschermende effect van voedingsstoffen zoals antioxidanten.

Zo laten verschillende studies zien dat je door elke dag een flinke eetlepel tomatenpuree te nemen, kunt zorgen dat de huid minder snel rood wordt na uv-blootstelling. En daarmee voorkom je het ontstaan van huidveroudering. Het is niet ondenkbaar om dan hetzelfde te proberen te bereiken met een supplement met lycopeen (de verantwoordelijke stof). Indirect werk je dan ook aan je rimpels, maar dan dus vooral aan het voorkomen ervan.

Ik slik zelf ook wat extra’s bovenop mijn voeding

Zoals ik al vaker heb geschreven slik ik zelf ook wat extra’s bovenop mijn huidverzorging en voeding, namelijk een supplement met vitamine D en magnesium. Want hoewel ik probeer gezond en gevarieerd te eten, is het lastig om alleen door middel van voeding een voldoende hoog niveau van deze stoffen te behalen. In de zomermaanden slik ik daarbij vaak ook een combinatiepreparaat van astaxanthine met omega 3-vetzuren.

Astaxanthine is net als vitamine C een antioxidant, maar dan een heel krachtige. De stof wordt door ‘beestjes’ als algen en plankton gemaakt als natuurlijke bescherming tegen de zon. Zo komt het uiteindelijk ook in ons voedsel terecht. Astaxanthine geeft het ‘roze kleurtje’ aan bijvoorbeeld zalm, garnalen, forel of kreeft. Voor wie dit niet dagelijks op zijn menu heeft staan, bestaan er dus supplementen. Onderzoek laat zien dat het dagelijks slikken van 4 mg je al na twee weken beschermt tegen zonschade.

Principe ‘baat het niet, schaadt het niet’ gaat niet altijd op

Maar ik kan het hier niet voldoende benadrukken. Bedenk dat supplementen geen vervangers zijn van voeding of van bijvoorbeeld zonnebrandcrème. Verder is het belangrijk om te weten dat je bepaalde stoffen veel beter van buitenaf kunt aanbrengen dan innemen. Maar bovenal geldt bij supplementen zeker niet altijd het principe van ‘baat het niet, dan schaadt het niet’. Want inmiddels weten we wel uit bepaalde onderzoeken dat niet alle supplementen ongelimiteerd en zonder nadelen kunnen worden ingenomen.

Zo kan een heel hoge dosis bètacaroteen bij rokers juist het risico op longkanker verhogen. Ook is het niet verstandig te overdrijven met bijvoorbeeld vitamine C vanwege onder meer maag- en darmklachten. Vitamine B6 kan ook problemen geven, met name aan het zenuwstelsel. Verder is het zo dat de kwaliteit van supplementen echt heel erg kan variëren en dat van veel producten niet bekend is wat de effecten op de lange termijn zijn. Antioxidanten die slecht verpakt of oud zijn, kunnen bijvoorbeeld al in de verpakking oxideren en dat kan echt kwaad! En helaas is daar eigenlijk geen enkele controle op.

Waar moet je nog meer op letten bij supplementen?

Goed om te weten is ook nog dat dure supplementen geen garantie zijn voor kwaliteit, maar dat je van heel goedkope producten ook niet veel kunt verwachten. Andere tips: bewaar je supplementen niet lang (zeker niet in de hete zomerperiode), koop ze bij voorkeur het liefst direct van de producent (dan is de kans het grootst dat het product niet al jaren geleden geproduceerd is) en let bij vetzuursupplementen altijd op de geur. Als je echt een ranzige geur ruikt, dan is het geoxideerd en niet gezond voor je.

Mijn belangrijkste advies voor het nieuwe jaar

Maar mijn allerbelangrijkste advies voor het nieuwe jaar blijft toch vooral om gezond en gevarieerd te gaan eten. Luister goed naar je lichaam, want grappig genoeg vertelt je lijf vaak al wat het extra nodig heeft. En als je vermoedt dat je tekorten hebt, laat je dan gewoon eens testen. Dan weet je zeker dat je de stoffen aanvult die nodig zijn. En misschien moeten we ons ten slotte langzaam weer wat meer gaan laten inspireren door culturen die (nog steeds) wat dichter bij de natuur staan!

 

Groetjes,

Jetske

Onderzoekarts in de cosmetische dermatologie