Waarom je misschien minder goed smeert dan je denkt…
Over geen enkel onderwerp binnen de huidverzorging bestaat zoveel verwarring als over het smeren van zonnebrandcrème. Onjuiste berichtgeving in media, valse productclaims en een rammelende regelgeving hebben er toe geleid dat we allemaal verkeerd smeren. Met als gevolg dat we op ons handdoekje in de zon misschien nog wel meer schade oplopen dan wanneer we ons niet ingesmeerd hadden. We blijven simpelweg te lang liggen omdat we denken dat we beschermd zijn. Een vals gevoel van veiligheid dus.
Welke factor…
SPF staat voor Sun Protection Factor. Op dit moment kan in Europa de SPF bepaald worden wanneer een product bij ten minste tien personen is getest. Wat er gebeurt met zo’n test: per vierkante centimeter huid wordt 2 milligram van de zonnebrandcrème gesmeerd. De SPF wordt vervolgens berekend door de minimale erytheemdosis (MED) van de beschermde huid te delen door de MED van een stukje onbeschermde huid. MED zegt hoeveel energie er nodig is per vierkante centimeter huid om minimale roodheid te veroorzaken. Een stukje onbeschermde huid met huidtype 2 heeft over het algemeen 200 joule nodig om minimale roodheid te veroorzaken. Met een SPF 15 op kleurt het stukje beschermde huid dus pas rood na een dosis uv-B-straling van 3000 joule. In theorie kan je dus 15 keer langer in de zon blijven dan normaal. Toch ligt het nog iets complexer. Het gaat uiteindelijk om de hoeveelheid zonlicht waaraan de huid kan worden blootgesteld. En die wordt ook bepaald door bijvoorbeeld de uv-index, het tijdstip op de dag en de plek op aarde.
Het testen van de SPF is niet erg nauwkeurig en wordt door commerciële bureaus gedaan. Dat de uitslagen niet altijd even betrouwbaar zijn, blijkt uit een onderzoek van de NVWA (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit). Een test in Amerika leverde gelijksoortige resultaten op.
In Frankrijk wordt nu onderzoek gedaan naar een nieuwe methode om de SPF-classificatie van zonnebrandcrèmes te beoordelen. Nog even geduld dus!
Onthoud wel: geen enkel product beschermt volledig tegen zonschade. Ook niet die SPF 50 of ’total sunblock’. Ga ervan uit dat wanneer je een SPF 15 kiest, je voor ongeveer 93-94% beschermd wordt. Een SPF 30 beschermt je voor ongeveer 97% en een SPF 50 met nog 1 à 2% meer dan SPF 30.
Waar moet ik tegen beschermen?
De SPF op de verpakking zegt wat over de bescherming tegen uv-B-schade, maar niet veel over de uv-A-schade. Let erop dat een zonnebrandcrème tegen beide soorten straling beschermt. Door uv-A-straling verbrand je niet; je krijgt dus ook geen waarschuwing van je huid. Maar deze stralen zijn zo mogelijk nog schadelijker dan uv-B-stralen. Ze dringen dieper door in de huid, waar ze het DNA beschadigen en veroudering versnellen. Het bindweefsel wordt aangetast en de elasticiteit van de huid wordt minder. Ook verhogen uv-A-stralen het risico op het krijgen van huidkanker.
Zonlicht bevat 20 keer meer uv-A- dan uv-B-straling. Volgens de nieuwe regelgeving moet de beschermingsfactor tegen A minstens een derde zijn van de beschermingsfactor tegen uv-B. Producten die hieraan voldoen hebben een cirkel met ‘UVA’ erin op de verpakking. Helaas houdt nog niet iedere producent zich hieraan. Zeker in Amerika zijn nog veel producten op de markt die nauwelijks uv-A-bescherming geven. Het ene product met een SPF 30 kan je huid dus veel beter beschermen dan het andere product.
Ook interessant om te weten is dat er steeds meer bewijs komt dat niet alleen ultraviolette straling schadelijk is, maar ook infraroodstraling. Infrarode straling zorgt voor vorming van vrije radicalen en beschadigt het collageen. Zonfilters kunnen niets doen tegen deze straling, maar antioxidanten wel. Om de schade die toch ontstaat te beperken is het verstandig om antioxidanten op je huid aan te brengen. De samenvatting van een recent onderzoek hiernaar is te lezen op Skinwiser: & .
Manier van smeren
Als je nog even denkt aan het feit dat er met 2 milligram per vierkante centimeter huid getest wordt, is het dus belangrijk dat je zelf ook die hoeveelheid smeert om de factor te krijgen. Schokkend maar waar: gemiddeld smeren mensen maar 0,5-1 mg per cm2. Dit betekent dat er van je SPF 30 een magere SPF van 9 – 16 overblijft. Lees meer over de manier van smeren en wat dat doet met de beschermingsfactor op Skinwiser: .
Het is ook niet gek, die 2 milligram per cm2 is bijna niet weg te smeren. Houd dus altijd in je achterhoofd dat je waarschijnlijk minder goed beschermd bent dan je denkt.

Links: hoeveel we gemiddeld gebruiken voor het gezicht.
Rechts: hoeveel we zouden moeten gebruiken voor het gezicht.
Make-up met een SPF
Kun je niet ook gewoon make-up gebruiken met een SPF? Ik ben daar geen voorstander van, vooral niet in de zomermaanden. Om de SPF te bereiken die op de verpakking van je product staat, moet je zoals gezegd behoorlijk wat aanbrengen. Van poeders met een SPF wordt vaak nog geen tiende van de hoeveelheid gebruikt die nodig zou zijn. Maar ook met foundation of een BB cream zal je niet snel de SPF bereiken die wordt beloofd: dit zou betekenen dat je een plamuurlaag moet aanbrengen.
Mijn advies: smeer je altijd in met een apart zonproduct als de uv-index 3 of hoger is. Dit is grofweg van april t/m september. En natuurlijk elke twee uur opnieuw smeren…
Wat voor zonnebrandcrème
Ik vind het echt vreselijk dat er nog steeds zo veel producten met slechte zonfilters op de markt zijn. Over veiligheid ga ik het vandaag niet hebben, maar wel over filters die geïnactiveerd worden door zonlicht. Hoe gek het ook klinkt, een aantal filters kan slecht tegen de zon en combinaties van bepaalde filters kunnen helemaal niet tegen de zon en zullen je huid na enkele uren (of weken in je badkamerkastje) nauwelijks meer beschermen. Vaak zijn dat juist de uv-A-filters en daar merk je dus niets van want je verbrandt immers niet. De combinatie avobenzone en octinoxate is hier een mooi voorbeeld van. En laat deze combinatie nou net in die ene all day sunscreen zitten!
Let er op dat je in de zon zogenaamde fototoxische stoffen vermijdt. Dit zijn stoffen die in combinatie met zon, zonschade kunnen versnellen zonder dat je dat direct aan de huid merkt. Je kunt er ook lelijke pigmentvlekken aan over houden. Stoffen die dit kunnen doen (en die helaas ook vaak in zonnebrandcrèmes zitten) zijn: geurstoffen/parfum, kleurstoffen, plantextracten/oliën (zoals citrus, sinaasappel, bergamot, mandarijn, grapefruit, limoen, lavendel, rozemarijn, vijg, angelica, st johns wort, tea tree en ginger) en oxybenzone (dat is gek genoeg een zonfilter).
Houdbaarheid
Voor zonnebrandcrèmes geldt dat er een openpotsymbool vermeld moet staan op de verpakking. Dat betekent dat een product gesloten minimaal 30 maanden houdbaar is. Na opening is het product het aantal maanden houdbaar dat in het symbool staat. Er is wel een belangrijke kanttekening. Deze houdbaarheidsaanduiding vertelt je iets over de kans op besmetting van het product en de stabiliteit van de crème, maar niets over de werking van de zonfilters. Zeker van bepaalde chemische filters neemt de werking sterk af. Ik raad dan ook aan om voor de zekerheid elk jaar een nieuwe zonnebrandcrème te kopen. De kans op een verminderde werking van een product is extra groot bij blootstelling aan warmte en licht (en dit is onvermijdelijk wanneer je je fles meeneemt op vakantie naar een zonnig oord).
In mijn Zonboekje voor de Smeer je in!-campagne kun je nog veel meer belangrijke weetjes over zon en zonbescherming lezen. Hoe kan je je huid bijvoorbeeld voorbereiden op de zon, is een aftersun nu echt nodig, kun je beter sprayen of smeren, zijn duurdere zonnebrandcrèmes altijd beter om te gebruiken en hoe zit het eigenlijk met waterproof zonnebrandcrèmes?
Groetjes, Jetske
(Dr. Jetske Ultee- onderzoeksarts cosmetische dermatologie)
LEES OOK:
Zonnefilter titaniumdioxide
Wat doet oxybenzone in zonnebrandcrèmes
Een goede zonnebrandcrème
Hulp bij de keuze van je zonnebrandcrème
Is een beschermingsfactor voor de zon zinvol in je make up




